Zakelijke rechten en gedoogplichten

Soms moet inbreuk worden gemaakt op een eigendomsrecht. Bijvoorbeeld voor het leggen van een leiding, werkzaamheden aan een watergang, het aanleggen van een hoogspanningsverbinding (380 kV) of het oprichten van windturbines. Deze werken kunnen dan mogelijk gemaakt worden door het vestigen van een zakelijk recht, het opleggen van een gedoogplicht of door te onteigenen.

Als de inbreuk zo groot is dat het bestaande gebruik niet (grotendeels) kan worden voortgezet, zal de initiatiefnemer de grond moeten verwerven of onteigenen. Is die inbreuk niet zo groot, dan kan volstaan worden met het vestigen van een zakelijk recht of het opleggen van een gedoogplicht. In dat geval zal de initiatiefnemer eerst proberen met een grondeigenaar overeenstemming te bereiken over het vestigen van een zakelijk recht. Lukt dat niet, dan kan de initiatiefnemer op basis van de Belemmeringenwet privaatrecht of de Waterwet een gedoogplicht laten opleggen.

In alle gevallen heeft een grondeigenaar/gebruiker recht op een volledige schadeloosstelling. Bij het opleggen van een gedoogplicht ligt het initiatief om schadeloosstelling te verkrijgen bij de eigenaar.

Hiernaast treft u meer informatie aan voor uw situatie. Wij treden op voor initiatiefnemers, voor grondeigenaren/gebruikers en kunnen u adviseren in zaken over hoogspanningsverbindingen.