Beleggen in landbouwgrond

Beleggen in landbouwgrond staat veelvuldig in de belangstelling. Beleggers zoeken naar zekere beleggingen en wereldwijd neemt de vraag naar voedsel toe. Het beleggen in Nederlandse landbouwgrond onderscheidt zich van de Europese en de mondiale markt:

  • Meestal wordt alleen in grond en niet in een onderneming belegd, met het bijbehorende lagere risicoprofiel.
  • Het Nederlandse rechts- en kadastraal systeem onderscheiden zich positief met betrekking tot het bieden van zekerheid.
  • Een belegging in Nederlandse landbouwgrond is in het algemeen meer liquide dan die in een buitenlandse onderneming.
  • Geen risico op leegstand.
  • Lage beheerkosten ten opzichte van vermogensbeheerders.
  • Het risico van tenietgaan van grond is zeer beperkt en behoeft daarom niet verzekerd te worden.
  • Bij wijziging van de bestemming van de grond wordt in ieder geval de waarde van de landbouwgrond vergoed.

Grond is bovendien een concreet bezit: er komt niet meer bij, je kunt er naar kijken, overheen lopen en het verdampt niet. Beleggen in landbouwgrond wordt in het algemeen gezien als een veilige belegging met een zeer laag risico, dat rendement oplevert. Wageningen Economic Research (voorheen het LEI, Landbouw Economisch Instituut) heeft berekend dat met beleggingen in landbouwgrond over de afgelopen tientallen jaren een gemiddeld jaarlijks rendement is behaald dat 3,6% hoger ligt dan de inflatie over die jaren.

Er zijn meerdere vormen om landbouwgrond in gebruik te geven aan een agrariër. Traditioneel wordt grond vaak verpacht. Dit kan in reguliere pacht en in geliberaliseerde pacht. Bij deze twee vormen krijgt de gebruiker een persoonlijk recht om de grond te gebruiken. Bij reguliere pacht zijn de dwingende bepalingen van het pachtrecht van toepassing, waaronder pachtprijsbeheersing van overheidswege en continuering van het pachtrecht door de gebruiker en diens opvolger. Er worden om deze redenen niet veel nieuwe reguliere pachtcontracten gesloten.
 
Geliberaliseerde pachtcontracten kennen meer contractsvrijheid. Als de overeenkomst korter duurt dan 6 jaar is de pachtprijs vrij overeen te komen. Een nadeel van deze vorm is dat een belegger en gebruiker geen afspraken langer dan 6 jaar kunnen maken waarbij de belegger gegarandeerd het gewenste rendement behaalt.
 
Bij erfpacht blijft de (bloot) eigendom van de grond bij de belegger. De gebruiker krijgt het zakelijk recht de grond tegen betaling van een canon te gebruiken. Hierbij geldt veel contractsvrijheid voor beide partijen. Deze overeenkomsten dienen langer dan 25 jaar te lopen. Voor meer informatie over deze vorm van beleggen zie de informatie hiernaast onder 'De beleggingsvorm erfpacht'.           
 
Ook kan het voor particulieren fiscaal interessant zijn om agrarisch ondernemer te worden. Voor meer informatie hierover zie hiernaast onder 'De investeerder als agrarisch ondernemer'.