De context van het artikel in Trouw d.d. 13 november 2020: Nieuwe mislukking overheid, Omgevingswet in gevaar door ICT problemen en de opzet van plan B

vrijdag 13 november 2020 Geschreven door Diana Frikkee en Peter Overwater

In het dagblad Trouw is op 13 november 2020 opnieuw een ‘winstwaarschuwing’ afgegeven m.b.t. de Omgevingswet. In deze blog plaatsen wij die in de context van het wetgevingstraject en benoemen de hoofdlijn van een mogelijk plan B (het niet invoeren van de Omgevingswet).
 
De aanleiding voor de Omgevingswet is de stroperige, te lang durende besluitvorming voor vergunningverlening in de fysieke leefomgeving. Deze wordt algemeen als ingewikkeld ervaren en als onvoldoende gericht op de toekomstige transitieopgaven in de fysieke leefomgeving. Dit zou alleen tegemoet getreden kunnen worden door een geheel nieuw totaal concept van omgevingsregelgeving.

De oorzaak van de te lang durende besluitvorming werd door de overheid gelegd bij de vigerende wetgeving. Wij denken echter dat de oorzaak ook, meer bestaat uit het over de hele linie gecompliceerder worden van de maatschappij en het gemiddeld onvoldoende gericht zijn op de uitvoering door de overheid.
 
Dat laatste onderkent de overheid traditiegetrouw niet bij zichzelf, dus is de ’vijand’ extern gezocht en gevonden: het is de wetgeving, die moet worden vervangen en daar is dan aan gekoppeld dat dat noodzakelijk is om de toekomstige transitieopgaven in de fysieke leefomgeving te vervullen.
 
Vanaf het moment dat de plannen m.b.t. de Omgevingswet verschenen, hebben wij (tot op heden tevergeefs) gesteld dat die geen oplossing biedt voor het omgaan met het ingewikkelder worden van de maatschappij en het noodzakelijk verbeteren van het uitvoeringsniveau van de overheid. Zodat het te besteden geld en de te nemen moeite daar beter aan besteed zouden kunnen worden.
 
Inmiddels zijn we vele (al meer dan acht) jaren verder.
De stand van zaken is nu, dat de politiek, beleidsmakers en het wetgevende deel van de overheid de afgelopen jaren hebben besteed aan het zeer omvangrijke wetgevingsproject, dat inmiddels duidelijk is dat dit zeker niet zal voldoen aan het uitgangspunt ‘Eenvoudig Beter’ en dat het digitale aspect vooralsnog aan inwerking treden in de weg staat.
 
Dat betekent dat voor de derde keer, de beoogde invoeringsdatum (van nu 1 januari 2022) volgens Trouw niet wordt gehaald. Dit betekent dat als keuzemogelijkheden overblijven opnieuw uitstellen of afzien van de invoering van de Omgevingswet.
 
Uitstel kan ons inziens alleen aan de orde zijn als zeker zou zijn dat het digitale aspect (Digitaal Stelsel Omgevingswet) op een vaststaande datum zal werken. Bij de afweging  moet dan worden betrokken dat het door de Omgevingswet niet eenvoudig beter wordt, maar om met Friso de Zeeuw te spreken gecompliceerd slechter.
 
Voor het geval dat dat niet zeker zal zijn en dus besloten wordt tot het niet invoeren van de Omgevingswet zijn mogelijke vervolgstappen (plan B) :
  • De reikwijdte van de Wro verbreden van een goede ruimtelijke ordening naar de fysieke leefomgeving, de wetgeving stap voor stap verbeteren (zoals aanvankelijk ook de bedoeling was).
  • Inzetten op het stap voor stap verbeteren van het huidige digitale stelsel.
  • Inzetten op de nagestreefde cultuuromslag, manier van werken door de overheid door belanghebbenden vroegtijdig te betrekken bij besluitvorming over projecten
  • Inzetten op het verhogen van het uitvoeringsniveau door de overheid.
  • De bestaande wetten m.b.t. grondbeleidsinstrumenten kunnen onmiddellijk worden aangepast aan de Aanvullingswet Grondeigendom.
Zo’n besluit tot niet invoeren ligt natuurlijk moeilijk, er is veel tijd, geld, energie en prestige gestopt in het wetgevingsproces, maar er kan niet in redelijkheid worden ontkend dat de mogelijkheid tot het niet invoeren van de Omgevingswet bij de verdere besluitvorming moet worden betrokken.
Niet uitgesloten kan worden dat de kabinetsformatie in 2021 een natuurlijk moment zal vormen om zo’n besluit als onderdeel van een ‘alles omvattend’ regeerakkoord te nemen.